Arschodt, Ernest

Gent, 07/08/1874 > Gent, 17/08/1946

Biografie

Arschodt, Ernest

door Annelies Focquaert

Ernest (Ernest-Emile-François) kwam uit een muzikale familie: zijn vader Gustave was kapelmeester, zijn broer Louis was cellist en Oscar Roels was zijn neef. Ernest studeerde vanaf oktober 1884 aan het Conservatorium van Gent en behaalde er de eerste prijzen notenleer (klas van Edouard De Vos, 1890) en harmonie (klas van Paul Lebrun, 1893). Hij volgde orgelles bij Adolf D'Hulst en Jozef Tilborghs. Op 12 november 1895 werd hij in dit Conservatorium aangesteld als monitor voor een voorbereidende cursus notenleer. Sinds 2 oktober 1892 was hij organist van de Sint-Stefanuskerk in Gent (bij deze kerk hoorde zowel de parochie als het Augustijnenklooster), als opvolger van zijn vader Gustave. Samen met onder meer deze laatste, Jules Callewie en Adolphe de Voghelaere stichtte hij in 1892 de zangvereniging De Liederkrans. Zeker van 1892 tot 1901 was hij er dirigent. In 1926 wordt hij ook vermeld als dirigent van het operettegezelschap van de Minardschouwburg in Gent.

Zijn werkenlijst tot 1901 bevat hoofdzakelijk liturgische en religieuze muziek, naast enkele kinderliederen, kamermuziekwerken, de cantate Columbus (1894) en de vaudeville Het verloren schaap (1895). In 1917 werd zijn 'groot spektakelstuk, lokale fantazij-operette' Barnum in Gent uitgegeven (op tekst van Hector Van Seymortier en Jean Ray). Op zijn doodsprentje - met een ongebruikelijke foto van de organist 'in actie' - is te lezen dat hij niet alleen organist was van de Sint-Stefanuskerk maar er ook kapelmeester en verschillende Marialiederen en missen componeerde (Volks-, Kerst-, Paas- en Pinkstermis).

© Studiecentrum voor Vlaamse Muziek vzw - Annelies Focquaert